©2019 by Inu Crew

Created by Freya Lobbestael

Designed by Silke Rooymans

Akita

Herkomst: Japan, Tõhoku, Akita

Gebruik: Gezelschapshond, waakhond, vroeger jachthond op beren en groot wild.

FCI-classificatie:  Groep 5: Spits en primitieve type

Sectie 5: Aziatische Spits en gerelateerde rassen.

Zonder werkproef.

Korte historische samenvatting:

Originele Japanse honden waren klein tot medium in formaat en grote rassen bestonden niet. Sinds 1603 in de Akita regio werd de Akita Matagis (medium formaat en beerjagers) gebruikt als gevechtshonden. Vanaf 1868 werden de Akita Matagis gekruist met de Tosa en de Mastiffs. Natuurlijk vergrootte het formaat van dit ras maar de eigenschappen en de karaktertrekken van de spitshonden gingen verloren. In 1908 werd hondengevechten verboden maar dit ras bleef bestaan.

Tijden WO2 was het gebruikelijk om hondenvachten te gebruiken voor militaire kleren. De politie nam alle honden in beslag en in gevangenschap behalve de Duitse Herder want deze werd gebruikt op militair vlak. Sommige liefhebbers probeerden dit te omzeilen door hun Japanse honden met Duitse herder te kruisen. Wanneer de oorlog gedaan was, waren de Akita's serieus verminderd in aantal en bleven er nog maar 3 type's over: Matagi Akita's, gevecht Akita's en herder Akita's. Dit creëerde een verwarrende situatie in het ras.

Ze probeerden dit ras te elimineren door oude Japanse rassen te kruisen met de Matagi Akita's, met als doel om de oude pure Akita te verkrijgen. Ze slaagden erin om de pure Akita te creëren met de grootte die vandaag bekend is.

Algemeen voorkomen:

  • Grote honden

  • Stevig gebouwd

  • goed gebalanceerd met veel vacht

  • hoge nobelheid en waardigheid in bescheidenheid

Gedrag/temperament:

  • Bedaard

  • Trouw

  • Volgzaam

  • Ontvankelijk

Niet iedereen kan omgaan met zijn eigenwijs karakter.

Omgang:

De Akita is een loyale huisgenoot, voornamelijk ook rustig. Zijn temperament maakt hem echter niet één van de gemakkelijkste rassen. Het is een hond die evenwicht uitstraalt, en vooral een zeker “i don’t care”-gehalte heeft. Moedig, zelfstandig, koppig en slim! Dat is een Akita, daar nog eens een groot jachtinstinct bij en je hebt het perfecte plaatje!

De Akita een is zeker een pittige hond, maar mag nooit met harde hand opgevoed worden. Een harde aanpak werkt omgekeerd en de hond kan zich dan zelfs tegen u keren. Een Akita zal alleen iets voor u willen doen als hij op de juiste wijze gemotiveerd wordt en respect voor u heeft. Dit respect is te verkrijgen door de hond te behandelen als een gelijke, als een verstandig wezen. Bijna als een mens…

De Akita is leergierig, zéér leergierig…ook met slechte gewoontes. Daarom is consequentie en kordaat zijn zeker geen overbodige luxe. Gevarieerde trainingen, gecombineerd met uitdagingen en nieuwigheden zorgen er voor dat u een hond krijgt die voor u door het vuur gaat!

Omgang met kinderen:

Akita's kunnen heel goed samen zijn met (kleine) kinderen en dus uitgroeien tot echte kindervrienden. Mede hierdoor hebben ze in Japan een gezegde : De beste babysit die je kan hebben, is een Akita! Het voornaamste punt is dat een kind leert omgaan met een Akita, en niet andersom. Dit wil dus zeggen dat het kind dient te respecteren hoe en wat de Akita is.

Qua bescherming naar kinderen toe : het is hun superheld! Echter, dit enkel naar kinderen van zijn eigen roedel.

Een Akita uitlaten is niet aan kinderen besteed. Fysiek is dit niet haalbaar, maar voor mentaal kan een Akita met zijn energie nogal raar uit de hoek komen. Hier zijn kinderen niet tegen opgewassen…

Hoofd:

De schedel is in verhouding tot het lichaam. Het voorhoofd is breed met een duidelijke groef en bevat geen rimpels. Ze hebben een grote neus die bij voorkeur zwart is. Er is een gering aantal Akita’s met een gebrek aan pigment, dit is alleen aanvaardbaar bij witte honden.  De snuit is matig lang en sterk met een brede basis, toelopend maar niet puntig. De neusrug is recht. De lippen zijn strak. Ze hebben een krachtig gebit dat scharend is. De wangen zijn matig ontwikkeld. De ogen zijn naar verhouding klein, bijna driehoekig van vorm ten gevolge van het oplopen van de buitenste ooghoek. Ze staan matig uit elkaar en zijn donkerbruin, hoe donkerder hoe beter. De oren zijn in verhouding klein, dik, driehoekig en iets afgerond aan de punten, ze staan matig uit elkaar, rechtopstaand en naar voren gebogen. De hals is dik en gespierd zonder keelhuid, in verhouding met het hoofd.

Lichaam:

De verhouding van de hoogte tot de lengte van zijn lichaam is 10 : 11. Bij teven is het lichaam iets langer zijn dan bij de reuen.

De rug is recht en sterk, de lenden zijn breed en gespierd. De borstkas is diep en de voorborst is goed ontwikkeld. De ribben zijn matig gewelfd en de buik is goed opgetrokken. De staart is hoog aangezet, dik en krachtig gekruld over de rug gedragen. De staartpunt reikt bijna tot de spronggewrichten (gewricht tussen scheenbeen en ondervoet) als deze naar beneden hangt.

Ledematen:

De schouders zijn matig hellend en ontwikkeld, de ellebogen zijn vast. De voorbenen zijn recht en zwaar van bot. De achterhand is goed ontwikkeld, sterk en matig gehoekt. De voeten zijn dik, rond, opgebogen en gesloten. De gang is veerkrachtig en de Akita maakt sterke bewegingen.

Vacht:

De bovenvacht is hard en recht, de ondervacht zacht en dicht. De schouders en de romp zijn bedekt met iets langer haar, het haar op de staart is langer dan op de rest van het lichaam. De kleur is roodgeel, sesam (roodgele haren met zwarte punten), gestroomd en wit. Alle kleuren behalve wit moeten het “Urajiro-patroon” vertonen. Urajiro = de witachtige vacht aan weerszijden van de voorsnuit, op de wangen, aan de onderkant van kaak, nek, borst, lichaam en staart en aan de binnenzijde van de benen. De meest voorkomende vacht is kortharig maar langharig bestaat ook. Langharige honden worden niet toegestaan voor de fok of show.

Maten en gewicht:

Hoogte op de schoft:

  • Reu : 67 cm

  • Teef : 61  cm

Er is een tolerantie van 3 cm naar boven of naar beneden.

Het gewicht ligt tussen de 35 – 45 kilo voor een reu, een teef tussen de 27 – 30 kilo.

Gemiddelde leeftijd:

13.5 jaar.

Fouten:

  • Teefachtige reu/reu-achtige teef

  • Ondervoorbijten of overbijten

  • Ontbreken van tanden

  • Blauw of zwart gevlekte tong

  • Iris licht van kleur

  • Korte staart

  • Verlegenheid

Diskwalificatiefouten voor een show:

  • Agressief of overdreven schuw

  • Elke hond die duidelijk lichamelijke of gedragsmatige afwijkingen toont zal worden gediskwalificeerd.

  • Lichtjes voorbij geschoten of onderschoten mond

  • Niet-staande oren

  • Hangende staart of korte staart

  • Lange vacht

  • Zwart masker op het gezicht

Reuen moeten 2 normaal ontwikkelde teelballen hebben die volledig in het scrotum zijn ingedaald.

Alleen functionerende en klinisch gezonde honden met rasbevestiging zouden voor fokken gebruikt mogen worden.

This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now